Goed om te weten

Voorbeelden van belangrijke thema’s

waar de gemeenteraad weinig of geen directe invloed op heeft

ThemaWaarom weinig invloed?Wie bepaalt dan wél?
Woningmarkt / betaalbare huizenGemeenten mogen niet zelf massaal woningen bouwen; grondprijzen, regels voor woningcorporaties en huurbeleid zijn landelijk bepaald.Rijksoverheid, marktpartijen, woningcorporaties.
Onderwijsniveau / lerarentekortenGemeenten gaan niet over salarissen, curriculum of landelijke schoolbekostiging.Ministerie van OCW, schoolbesturen.
Zorgstelsel en financiering (Wlz, Zvw)Gemeenten voeren delen van de zorg uit, maar tarieven, indicaties en budgetkaders zijn landelijk vastgesteld.Rijksoverheid, zorgverzekeraars, zorgkantoren.
Energieprijzen en grote klimaatdoelenGemeenten kunnen beleid maken, maar infrastructuur en grote investeringen worden nationaal geregeld.Rijk, provincies, netbeheerders.
Economische conjunctuur / werkgelegenheidGemeenten kunnen bedrijven aantrekken, maar hebben geen invloed op nationale economie of globalisering.Rijk, EU, bedrijfsleven.
Asielbeleid en migratieregelsGemeenten moeten opvang uitvoeren, maar niet bepalen hoeveel en onder welke regels.Rijksoverheid.
Openbaar vervoer in plattelandsgebiedenGemeenten hebben beperkte zeggenschap; provincies verlenen OV-concessies.Provincies en vervoersbedrijven.

Wat kan de gemeenteraad wél rechtstreeks bepalen?

De gemeenteraad heeft drie hoofdtaken:

  1. Kaders stellen – bepalen van beleid.
  2. Geld verdelen – vaststellen van de begroting.
  3. Controleren – toezicht houden op het college van B&W.
  4.  

Daarbinnen heeft de raad invloed op:

DomeinConcrete bevoegdheden
Ruimtelijke ordeningBestemmingsplannen, waar wel/geen gebouwd wordt, vergunningvoorwaarden.
Lokale belastingenOZB, toeristenbelasting, tarieven voor leges en afval.
Sociaal domeinInvulling van Wmo-ondersteuning, jeugd(hulp), schuldhulpverlening. Niet óf ze die uitvoeren, maar hoe.
Wijk- en dorpsvoorzieningenBibliotheken, buurthuizen, sportvelden, speeltuinen, onderhoud van openbare ruimte.
Lokale verkeersmaatregelenFietspaden, parkeervergunningen, snelheidszones, straatinrichting.
Duurzaamheid lokaal niveauSubsidies voor isolatie, lokale energiecoöperaties, groenbeleid.
Veiligheid / leefbaarheidToezichthouders, buurtpreventie, aanpak overlast, APV (Algemene Plaatselijke Verordening).

(zie voor meer informatie betreffende deze thema’s hieronder)

Samenvattend

  • Grote structurele problemen (woningmarkt, zorgfinanciering, onderwijsniveau, asielbeleid) worden vooral nationaal geregeld → gemeenteraad heeft weinig directe invloed.
  • De gemeenteraad heeft vooral invloed op de inrichting van de leefomgeving, lokale voorzieningen en de uitvoering van zorg en ondersteuning → tastbaar op buurtniveau.

 “Kaders stellen” betekent dat de gemeenteraad de grenzen en uitgangspunten bepaalt waarbinnen het college van B&W (burgemeester en wethouders) moet werken.
Met andere woorden: de raad zegt wát er moet gebeuren en waarom, het college beslist vervolgens hoe het precies wordt uitgevoerd.

Voorbeeld:

Stel dat de raad vindt dat er meer betaalbare woningen moeten komen.

  • De raad bepaalt dan bijvoorbeeld:
    • hoeveel woningen er bij moeten komen,
    • welk percentage betaalbaar moet zijn,
    • dat dit binnen vijf jaar moet gebeuren,
    • en welk budget of welk ruimtelijk kader daarbij hoort.
  • Het college zoekt vervolgens:
    • geschikte locaties,
    • onderhandelt met projectontwikkelaars,
    • vraagt vergunningen aan,
    • en voert het plan uit.

Dat onderscheid = kaders stellen (raad) vs. uitvoeren (college).


In officiële termen

De gemeenteraad stelt kaders door:

  • Beleidsplannen vast te stellen (bijv. woonvisie, jeugdbeleid, verkeersplannen).
  • De begroting goed te keuren (wel geld hiervoor, niet daarvoor).
  • Regels vast te leggen (bijv. bestemmingsplannen of de APV: Algemene Plaatselijke Verordening).

Daarmee bepaalt de raad de richting en de grenzen.


Waarom is dat belangrijk?

Omdat:

  • Het voorkomt dat het college “op eigen houtje” beleid gaat maken.
  • De raad zo kan controleren of het college binnen de afgesproken kaders werkt.

Dus:

De raad bepaalt de koers en controleert.
Het college voert uit.


Ruimtelijke ordening

De gemeenteraad kan wél:

  • De omgevingsvisie vaststellen (lange-termijn koers voor ruimte, wonen, economie, mobiliteit, groen).
  • Het omgevingsplan vaststellen (opvolger van bestemmingsplannen): wat waar mag, bouwvolumes, functies, milieuzonering.
  • Stedenbouwkundige randvoorwaarden en beeldkwaliteits-/welstandscriteria bepalen.
  • Programma’s en gebiedsagenda’s aannemen (bijv. centrumgebied, stationszone, bedrijventerrein).
  • Parkeernormen, groennormen, klimaatadaptatie-eisen en duurzaamheidskaders opnemen.
  • Grondbeleid bepalen: actief (grond kopen/verkopen) of faciliterend; voorkeursrecht inzetten; kaders voor onteigening en kostenverhaal/exploitatieplannen.
  • Prestatieafspraken met corporaties over locaties en woningtypen bekrachtigen.
  • Kaders stellen voor VTH (vergunningverlening, toezicht, handhaving) en prioriteiten voor handhaving.
  • Erfgoedbeleid en aanwijzing van gemeentelijke monumenten/beschermde gezichten vaststellen.
  • Voor grote projecten publieke participatie eisen en de manier van participeren vastleggen.

De gemeenteraad kan niet of weinig:

  • Rijks- en provinciale instructieregels negeren (bijv. NOVI, provinciale verordeningen, beschermde natuur/stikstof, waterveiligheid, geluid/luchtkwaliteit).
  • Netcapaciteit (elektra/warmte) of hoofdinfra (rijkswegen, spoor) zelf realiseren of aansturen.
  • De landelijke vergunningstermijnen of beroepsprocedures (Raad van State) overslaan of inkorten.
  • Marktrisico’s wegnemen: bouwkosten, rente, ontwikkelaarskeuzes en corporatie-investeringsruimte.
  • Huur- en hypotheekregels of fiscale prikkels veranderen (landelijk).
  • Garanderen dat plannen daadwerkelijk worden gebouwd (afhankelijk van markt, grondeigendom en financiering).

Woningbeleid:

De gemeenteraad kan wél:

  • Bepalen waar gebouwd mag worden (via bestemmings-/omgevingsplan).
  • Aantal en type woningen sturen (bijv. starterswoningen, sociale huur).
  • Percentage betaalbare woningen vastleggen bij nieuwbouwprojecten.
  • Prestatieafspraken maken met woningcorporaties over toewijzing en doelgroepen.
  • Eisen stellen aan duurzaamheid, parkeren en inrichting van de woonomgeving.

De gemeenteraad kan niet of weinig:

  • Zelf woningen bouwen (dat doen ontwikkelaars en corporaties).
  • Huurprijzen en inkomensgrenzen bepalen (landelijk geregeld).
  • Zorgen dat corporaties voldoende geld of personeel hebben om te bouwen.
  • De landelijke woningvoorraad, belastingregels of subsidies beïnvloeden.
  • Garanderen dat plannen snel worden uitgevoerd (markt en procedures bepalen veel).

Onderwijs

De gemeenteraad kan wél:

  • Zorgen voor huisvesting van scholen (bouwen, verbouwen, onderhoud).
  • Lokale onderwijsagenda’s opstellen met schoolbesturen (bijv. kansengelijkheid, voorschoolse educatie).
  • Ondersteuning organiseren voor vroege taalontwikkeling en voor- en vroegschoolse educatie (VVE).
  • Projecten stimuleren zoals leerplichtaanpak, brede scholen, buurtsport en cultuurprogramma’s.
  • Samenwerking stimuleren tussen scholen, zorg en jeugdhulp.

De gemeenteraad kan niet of weinig:

  • Salarissen van leraren of personeel bepalen.
  • De landelijke bekostiging van scholen aanpassen.
  • Het curriculum (wat kinderen moeten leren) veranderen.
  • Lerarentekorten structureel oplossen (ligt aan landelijke arbeidsmarkt).
  • Toetsing en examenregelingen beïnvloeden (landelijk vastgelegd).

Zorg (Wmo en Jeugd)

De gemeenteraad kan wél:

  • Afspraken maken over welke ondersteuning beschikbaar is (bijv. huishoudelijke hulp, dagbesteding).
  • Toegang en indicatieprocessen vormgeven (hoe snel en hoe laagdrempelig).
  • Samenwerking organiseren tussen wijkteams, jeugdteams, huisartsen, scholen.
  • Lokale programma’s voor armoedebestrijding en schuldenhulp vaststellen.
  • Prioriteit geven aan preventie (bijv. mantelzorgondersteuning, buurtinitiatieven).

De gemeenteraad kan niet of weinig:

  • Invloed uitoefenen op zorgverzekeringsstelsel en ziekenhuizen (landelijk en regionaal geregeld).
  • Contracttarieven van landelijke zorginstellingen volledig sturen.
  • Zorgen dat er genoeg jeugdhulpverleners, therapeuten of psychiaters zijn (landelijke arbeidsmarkt).
  • De totale zorgbudgetten bepalen (de rijksoverheid stelt kaders en verdeelmodellen vast).

Voorzieningen op het platteland / in kleine kernen

De gemeenteraad kan wél:

  • Locaties en subsidies regelen voor dorpshuizen, bibliotheken, sportvelden en ontmoetingsplekken.
  • Eigen vervoer- of buurtbusinitiatieven ondersteunen.
  • Dorps- en wijkraden betrekken bij lokale plannen (burgerparticipatie).
  • Zorgen voor goede onderhoudsniveaus van wegen, verlichting en openbare ruimte.
  • Voorzieningen combineren (bijv. school + dorpshuis + zorgpunt in één gebouw).

De gemeenteraad kan niet of weinig:

  • Openbaar vervoer zelf organiseren (dit is een provinciale bevoegdheid).
  • Supermarkten, huisartsenpraktijken of banken dwingen open te blijven (private markt).
  • Structurele bevolkingskrimp of vergrijzing tegenhouden.
  • Postnetwerken of telecomdekking zelfstandig bepalen (landelijke regelgeving en markt).

Lokale belastingen

De gemeenteraad kan wél:

  • De hoogte van de OZB (onroerendezaakbelasting) vaststellen.
  • Beslissen over toeristenbelasting, hondenbelasting, leges en afvalstoffenheffing.
  • Kiezen voor tariefdifferentiatie (bijv. lagere lasten voor bepaalde groepen).
  • Bepalen waar het geld aan wordt uitgegeven via de begroting.
  • Beleidskaders vaststellen voor kwijtschelding voor minima.

De gemeenteraad kan niet of weinig:

  • Bepalen hoeveel geld de gemeente totaal krijgt uit het Gemeentefonds (dat is landelijk).
  • Nationale belastingregels wijzigen.
  • Belastingvrijstellingen aanpassen buiten de wettelijke ruimte.
  • Grote financiële tekorten oplossen zonder ingrijpende keuzes (bezuinigen / belastingen verhogen).

Lokale verkeer en mobiliteit

De gemeenteraad kan wél:

  • Snelheidszones instellen (bijv. 30 km-zones).
  • Beslissen over fietspaden, parkeerbeleid, verkeersremmers, eenrichtingsstraten.
  • Vergunningenbeleid voor parkeren en laadpalen vaststellen.
  • Investeren in veilige schoolroutes en verkeerseducatie.
  • Prioriteiten bepalen voor onderhoud van wegen en stoepen.

De gemeenteraad kan niet of weinig:

  • De dienstregeling van bus/trein/tram bepalen (provincie of vervoersregio bepaalt).
  • Nationale verkeers- en voertuigeisen aanpassen (bijv. snelwegbeleid, rijbewijsvragen).
  • Grote infrastructuurprojecten zelfstandig financieren.
  • Regionale doorstroomroutes volledig sturen (provincie speelt daar een rol).

Duurzaamheid en energie

De gemeenteraad kan wél:

  • Subsidies of leningen regelen voor isolatie, zonnepanelen en warmtepompen.
  • Energiecoöperaties en lokale opwekprojecten ondersteunen.
  • Bomen, parken en groenplannen vaststellen.
  • Ruimte aanwijzen voor windmolens en zonnevelden (binnen regionale afspraken).
  • Afvalscheidingsbeleid en milieuzones invoeren.

De gemeenteraad kan niet of weinig:

  • De energieprijzen bepalen.
  • Nationale klimaatdoelstellingen heronderhandelen.
  • Bouwen aan of grote invloed uitoefenen op het elektriciteitsnet (netbeheerders doen dit).
  • Grootschalige subsidiesystemen aanpassen (SDE++, ISDE etc. zijn landelijk).

Veiligheid en leefbaarheid

De gemeenteraad kan wél:

  • Regels vaststellen in de APV (bijv. over openingstijden horeca, overlast, evenementen).
  • Handhaving in de openbare ruimte prioriteren (boa’s, toezicht).
  • Buurtpreventie en jongerenwerk financieren.
  • Inzet op wijkgerichte aanpak bij overlast of verloedering.
  • Samenwerking stimuleren tussen gemeente, scholen, woningcorporaties en politie.

De gemeenteraad kan niet of weinig:

  • Bepalen hoeveel politiecapaciteit er is (dat is Nationaal + Veiligheidsregio).
  • Straffen uitdelen of strafrechtbeleid veranderen (landelijk).
  • Grote georganiseerde criminaliteit zelfstandig aanpakken (politie/OM bevoegdheid).
  • De rol van de burgemeester als hoofd openbare orde veranderen (bij wet vastgelegd).